Blog voor leerkrachten

Een poosje geleden meldde zich een meisje in mijn praktijk. Ze zit op de middelbare school, is tweedejaars en heeft een dyscalculieverklaring op zak. Dat verklaart haar enorme moeite met rekenen. Maar deze verklaring ontslaat haar niet van enige compensatie voor de landelijke rekentoets die als een onweerswolk boven haar hoofd dreigt. Ze zal deze toets, net als de anderen, zonder hulp van een rekenmachine moeten maken.   

HELP?!

Ze vroeg mij om haar te helpen bij het onthouden van de (deel)tafels.  

In tegenstelling tot het 'label dyslexie' zijn er in een basisschool maar heel mondjesmaat leerlingen met het etiketje dyscalculie. Ernstige rekenproblemen lijken veel minder voor te komen dan ernstige lees- en/of spellingproblemen. 

Toch zul je vast het feit herkennen dat er op elke basisschool de nodige leerlingen zijn die grote moeite hebben met het onthouden van de tafels. 

Wat je ook doet, hoe vaak je ook de rijtjes met hen stampt, tafeldiploma's in het vooruitzicht stelt, herhaalt en oefent, op school, thuis...toch zijn er kinderen die na verloop van kortere of langere tijd de tafels alweer vergeten zijn. 

En dat is echt een lastig probleem.

Want als je de tafels niet kunt onthouden, of ze al snel weer vergeten bent, mis je parate kennis die je van groep vier tot acht (en verder..) voortdurend moet toepassen. In kale tafelsommen tot 10, de deelsommen, grotere tafel- en deelsommen, het berekenen van oppervlaktes, in verhoudingen, breuken, procenten, schaal....

Daarom schakelde dit meisje mijn hulp in bij het leren van de tafels.
Een vaardigheid die ze in groep vier en vijf al onder de knie had moeten krijgen.

Waarom was het haar niet gelukt?
En wat kon ik anders doen, zodat het haar wel zou lukken om de antwoorden op tafelsommen te 'spugen'?

Het leren van de tafels verloopt meestal via twee sporen:

1. Het dreunen van de tafelrijtjes.
2. Het leren van strategieën om achter de antwoorden te komen als je het 'antwoord' niet paraat hebt.

De meeste leerlingen zijn prima in staat om de tafels te onthouden via spoor 1 en 2.
Maar kinderen die moeite hebben met het onthouden van (kale of abstracte) feiten, zoals de tafels, missen veelal iets. Namelijk het onderliggende beeld. Een beeld van de betekenis, maar ook een beeld waarmee ze kunnen denken, waarmee ze tot een antwoord kunnen komen.

Dus een beeld van de rijtjes én een beeld van de strategieën!

Zoals je inmiddels al wel in mijn eerdere blogs hebt gelezen is het 'beeld' mijn toverwoord...
Als ik kinderen met automatiseringsproblemen wil helpen, ga ik op zoek naar een geschikt plaatje.
En dat plaatje moet zó perfect zijn, dat je er in gedachten mee kan denken, het antwoord mee kan vinden! Anders is het plaatje waardeloos.

Tierlantijnen, franje, veel overbodige details in plaatjes werken meestal minder goed.   

Wat te denken van de volgende plaatjes die ik in rekenboeken zag?

 

Ze laten prima de betekenis van tafelsommen zien. Niet onbelangrijk en daarom: missie geslaagd.

Maar kun je met deze plaatjes de tafelsommen ook uitrekenen?
En wat doen de meeste (rekenzwakke) kinderen dan?
Gaan ze alle voorwerpen, mensen, tegels tellen? Eén voor één, of met groepjes?

Een plaatje is een 'goed plaatje' als je met het plaatje in gedachten tot een antwoord kunt komen, of dat nu via spoor 1 en/of 2 is. 

Daarom had ik een effectiever 'plaatje' nodig om het meisje uit mijn praktijk de (deel)tafels te leren. Een plaatje waar je mee kunt denken, een plaatje wat je je in gedachten kunt voorstellen:

1. Een plaatje van de rijtjes                                                                                                                                                       

2. En een plaatje van de strategie, waarin duidelijk wordt dat vermenigvuldigen een herhaalde optelling is en dat je dat optellen vooral handig moet aanpakken.

En het werkte. Ze ging vooruit! In tien bijeenkomsten van drie kwartier leerde ik haar de tafels en deeltafels. Ons doel was dat ze de (deel)tafels minimaal geautomatiseerd zou hebben en dat ze de (deel)tafels in functionele situaties zou herkennen, in de verhaaltjessommen dus. In een kleine drie maanden tijd boekte ze op de TTR een leerwinst van 22 maanden (tafels) en 14 maanden (deeltafels).

Maar uiteindelijk was de grootste winst dat ze weer in zichzelf geloofde. Dat ze net als haar klasgenoten de tafels er uit kon 'spugen'. Dat ze geen rekenmachine meer nodig had. Die zat immers in haar hoofd.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

 

Beeldendleren, help kinderen met leerproblemen door hen een methode te leren om met plaatjes te denken